KERNWAARDEN VRIJESCHOOL DE LIEMERS

Vrijeschoolonderwijs gaat wereldwijd uit van dezelfde basis, maar geen school is hetzelfde. Er is altijd ruimte voor een eigen identiteit. Vrijeschool de Liemers is ontstaan uit een ouderinitiatief en de wensen en ideeën van de betrokken ouders zijn het uitgangspunt geweest bij het vaststellen van de kernwaarden van de school. Als startende school zullen we samen met leerkrachten, leerlingen en ouders samen werken om de school vorm te geven en onze idealen te verwezenlijken.

1. Kindgericht onderwijs met hoofd, hart en handen.
De aandacht voor de ontwikkeling van het kind is verdeeld over zowel hoofd, hart en handen. Er ligt geen nadruk op het presteren of doelen halen. Vanuit de overheid zijn er een aantal leerdoelen op het gebied van rekenen en taal gesteld, die nodig zijn voor het doorstromen naar het voortgezet onderwijs. Op onze school zetten we daarbij ook nadrukkelijk in op persoonlijkheidsvorming, creativiteit, wereldoriëntatie, motoriek en sociale vaardigheden.
De schoolloopbaan van een kind is op onze school kind-gestuurd, niet systeem-gestuurd; een kind gaat naar het volgende niveau als het op het huidige niveau niks meer kan leren. Een kind gaat niet naar het volgende niveau omdat het een bepaalde leeftijd heeft en er vervolgens op in wordt gezet dat het kind voldoet aan de leerdoelen die passen bij dat leerjaar.

2. Naar buiten, verbinden met de natuur
Op onze school hebben we aandacht voor de waarde van de natuur en de dynamiek van de seizoenen. Waar mogelijk worden de lessen buiten gegeven en ook de ruime pauzes zijn in de buitenlucht op een natuurlijk/wild ingericht schoolterrein waar ontdekt en vrij gespeeld kan worden.
Wekelijks is er een buitendag, de natuur in! Naast het struinen en klimmen en ontdekkend leren wordt er spelenderwijs gewerkt aan taal en rekenen, al dan niet met materiaal uit de natuur.
Het veel buiten zijn draagt ook bij aan de lichamelijke gezondheid en weerbaarheid van het lichaam. Vuil worden en vallen vergroot de veerkracht van een kind omdat het immuunsysteem en het natuurlijk herstellend vermogen van het lichaam wordt aangesproken en geoefend. Ziek zijn zien we dan ook op onze school als iets goeds, een groeimoment waar je sterker uit komt.
Op termijn willen ook graag een mooie schooltuin inrichten om zelf eten te kunnen kweken. Dit kunnen we op school zelf bereiden en opeten maar eventueel ook delen of verkopen.

3. Bewegend onderwijs
Vrij spelen en bewegen is het uitgangspunt op onze school, dat is waar kinderen leren. Daarnaast wordt lesstof aangeboden, bij de kleuters minimaal en ongemerkt, als kinderen ouder worden wordt dat steeds wat meer. Lesstof wordt zo veel mogelijk aangeboden in een vorm waarbij de kinderen kunnen bewegen. Als je dingen met je hoofd leert blijven ze veel beter hangen als je er tegelijkertijd bij beweegt.
Bewegend onderwijs wordt steeds vaker wordt gebruikt binnen regulier onderwijs en is al 100 jaar de manier van lesgeven op veel vrijescholen. Bewegen lukt niet zo goed in een traditioneel ingericht lokaal. In een lokaal waar bewegend onderwijs wordt gegeven zijn naast minder tafels en stoelen ook zitkussens en een bankjes. Hiermee kan het lokaal makkelijk en snel op verschillende manieren ingericht worden.
Vrij bewegende voeten en contact met de bodem maken bewegen extra fijn, kinderen worden dus aangemoedigd om vaak blote voeten te hebben, evt in het koude seizoen sokken of sloffen aan op school.

4. Klaar voor de toekomst met creativiteit
Creëren, bedenken, scheppen, dingen oplossen, buiten hokjes denken; vaardigheden die onmisbaar zijn in onze toekomstige wereld. Kennis is overal te vinden in onze tijd, maar hoe je met die kennis omgaat, hem verwerkt en gebruikt om de wereld een mooiere plek te maken is iets wat je leert op onze school; een mens dat kan nadenken, zelfstandig een oordeel kan vormen, die durft te staan voor zijn ideeën is iemand die kan bijdragen aan de samenleving.

5. We doen het samen: inclusiviteit en betrokkenheid
Onze school gaat uit van een school als onderdeel van de samenleving. We halen de samenleving naar de school om het ook op die manier te verweven in het didactisch beleid. Kinderen, ouders, leraren en anderen in het netwerk van de school brengen hun achtergrond, kennis, cultuur, levenswijze, vaardigheden mee naar school. Ieder doet ertoe, en ieder kan zijn of haar inbreng hebben. We vragen een verbondenheid en betrokkenheid bij de school van met name ouders. Ze hebben we verantwoordelijkheid om tijd en energie te steken in de school. Ieder op een eigen manier. Aan de andere kant vraagt dit ook om een tolerante en nieuwsgierige grondhouding richting elkaar. We sluiten elkaar in, niet uit, ook als we verschillende opvattingen hebben.